Landelijke toegankelijkheid van opvang kan en moet beter

Landelijke toegankelijkheid van opvang kan en moet beter

Landelijke toegankelijkheid 
In de Wmo 2015 is de ‘landelijke toegankelijkheid’ van (beschermd wonen en) maatschappelijke opvang vastgelegd. Ingezetenen van Nederland moeten zich tot elke gemeente kunnen wenden voor maatschappelijke opvang. Eerste opvang moet altijd worden geboden, of de gemeente moet zich ervan vergewissen dat iemand met zekerheid bij een andere gemeente terecht kan, en dan ook een warme overdracht regelen.

Het moet beter 
Uit het 4e Trimbos-rapport over landelijke toegankelijkheid blijkt dat er nog heel te verbeteren is. Ook gemeenten vinden dat het beter kan en moet. Daarom gaan gemeenten in 2019 hun beleid en uitvoering aanpassen aan de herschreven handreiking en model-beleidsregels, aanbieders van opvang worden hierbij betrokken. De VNG zal goede voorbeelden van gemeenten delen.

Zwerfjongeren 
Vooral grotere gemeenten hebben al jaren een actieprogramma voor zwerfjongeren, toch groeit de dakloosheid onder deze doelgroep. Begin 2019 werken de VNG en het ministerie van VWS een aanpak uit, met acties voor zowel gemeenten, Rijk als andere partijen, om dakloosheid onder zwerfjongeren te verminderen. De problematiek van zwerfjongeren heeft overigens al in veel programma’s een plek.

Knelpunten 
Knelpunten die nog geagendeerd moeten worden zijn: voldoende en betaalbare woningen voor jongvolwassenen, aansluiting met jeugddetentie en jeugdreclassering, en voldoende en geschikte opvang en beschermd wonen. Verder is versnelling nodig bij gemeenten op de uitvoering van werk en inkomen voor de doelgroep.

Praktijktest landelijketoegankelijkheidmaatschappelijke opvang2018

Geef een reactie

Sluit Menu